Visus
|
Met of zonder correctie:
- Met beide ogen: ≥ 0,67
- Elk oog afzonderlijk: ≥ 0,5
Indien de vereiste gezichtsscherpte slechts verkregen kan worden m.b.v.
corrigerende lenzen, dan kan de aanvrager geschikt worden verklaard mits:
- deze corrigerende lenzen gedragen worden tijdens de uitoefening van
zijn functie
- er aanvullend een passende bril met corrigerende glazen bij de hand
wordt gehouden tijdens de uitoefening van zijn functie
Noot: bij twijfel dient een verklaring
van de oogarts te worden overlegd
Zowel ongecorrigeerde als gecorrigeerde gezichtsscherpte worden normaal
gemeten en vastgelegd bij elke herkeuring. Omstandigheden die een noodzaak
voor een verklaring van de oogarts met zich meebrengen zijn: een
wezenlijke afname in de ongecorrigeerde gezichtsscherpte, elke afname in
de beste gecorrigeerde gezichtsscherpte en het ontstaan van een oogziekte,
oogletsel of het ondergaan van een oogoperatie.
Amblyopie en één-ogigheid leidt tot ongeschiktverklaring, tenzij:
- de aanvrager middels een vliegtest kan aantonen dat hij over
voldoende gezichtsvermogen beschikt
- de gezichtsscherpte van het (niet-amblyope) oog: ≥ 0,67 met of zonder
correctie
|