Minimale algemene militaire eisen en aan de specifieke functie eisen.
Visus zonder correctie
Minimale algemene militaire eisen en aan de specifieke functie eisen.
Brekings- en correctieafwijkingen
Minimale algemene militaire eisen en aan de specifieke functie eisen.
Dichtbij zien
Minimale algemene militaire eisen en aan de specifieke functie eisen.
Uitwendig onderzoek
Diplopie leidt tot ongeschiktheid.
Stereoscopisch zien
Normaal binoculair en stereoscopisch zien indien de functie dit vereist
Methode: TNO-test minimaal tot 60 boogseconden
Kleuren zien
Normaal kleurenzien indien functie dit vereist:
Ishihara: foutloos
Anomaloscoop van Nagel: quotiënt 0.63 < Qa < 1.30
Gezichtsvelden
Na beoordeling minimale afwijkingen toegestaan.
Donkeradaptatie
Geschiktheid afhankelijk van de functie.
Overig
Geen afwijkingen van de normale functie van de ogen of adnexa nog
een afwijking die hiertoe kan leiden en/of verergeren, berustend op
acute of chronische aandoening, aangeboren of verworven, ten gevolge
van een trauma of geneeskundige behandeling.
Photorefractieve Keratectomie is de enige toegestane vorm van
corneachirurgie. Dispensatie kan voor zowel de eerste keuring als bij
een vervolgkeuring verkregen worden onder de volgende voorwaarden, en
na een oogheelkundig onderzoek en goedkeuring door de oogarts van het
Centraal Militair Hospitaal in Utrecht:
minimale leeftijd van 21 jaar
een bijziendheid voor de ingreep van -1,0 tot -5,5 D
een astigmatisme voor de ingreep van 0,75 tot 3,0 D
geen astigmatisme met verziendheid
er moet een stabiele afwijking zijn: dwz. De laatste 12 maanden mag
er geen verslechtering zijn van meer dan 0,5D
er mogen geen andere oogafwijkingen zijn
er is geen complicatie zoals "glare", "haze",
verlaagde contrast gevoeligheid, enz.
Intraoculaire druk te testen met non-contact tonometrie of
applanatietonometrie bij aanname en vanaf 40 jaar jaarlijks:
Eisen:
oogdruk: ≤ 22 mmHg
onderling verschil in oogdruk: ≤ 4 mmHg
Bij niet voldoen aan de eisen is dispensatie mogelijk, doch alleen
na evaluatie door een oogarts, mede afhankelijk van de ernst van
gezichtsvelduitval, resultaat van de behandeling en afwezigheid van
bijwerkingen, bij aanvang 4 weken vliegverbod.
Therapie: medicamenteuze behandeling is mogelijk op voorwaarde dat
er geen effect is op de werking van de pupil en op cardiovasculair en
pulmonair gebied, Laserbehandeling zoals trabeculotomie en iridotomie
mogen in overweging worden genomen, na heelkundige trabeculectomie
moet eerst een evaluatie plaatsvinden alvorens tot dispensatie kan
worden overgegaan
Opmerkingen
VMCAT.3 functie-omschrijving: Zie VMCAT.2, echter zonder taak aan boord
gerelateerd aan een veilige vluchtuitvoering, of het slagen van de
missie in zijn algemeenheid, bv.:
Vliegerarts (indien niet belast met bewaking/verzorging)
Vliegerpsycholoog
Aannamekeuring: Uitgevoerd onder verantwoordelijkheid
van een in de luchtvaartgeneeskunde gekwalificeerde oogarts.
Uitgebreide anamnese + routine oogheelkundig onderzoek inclusief
fundoscopie, eventueel aangevuld met door de oogarts noodzakelijk
geacht onderzoek.
Herhalingskeuring: Gerichte anamnese + routine
periodiek onderzoek, op indicatie aanvullend onderzoek. Bij twijfel
dient verder onderzoek plaats te vinden door een in de
luchtvaartgeneeskunde gekwalificeerde oogarts.
De volgende aandoeningen leiden tot ongeschiktheid of geven aanleiding
tot verdere oogheelkundige evaluatie:
oogleden
ptosis met gevolgen voor de gezichtsvelden,
lagophtalmos (onvermogen om de oogleden te sluiten),
littekens en adhaesies met gevolgen voor de oogbewegingen,
aantasting van de beschermende ooglidfunctie door laesies of
tumoren,
afwijkingen aan de ooglidranden met trichiasis of chronische
irritatie.
traansysteem
iedere aandoening met als gevolg droge ogen, oogirritatie of
visusbeperking,
obstructies van het traansysteem met hinderlijke epifora of
recidiverende ontstekingen.
conjunctiva
aandoeningen welke oog- of lidbewegingen beperken met als gevolg
niet sluitende oogleden of dubbelzien,
aandoeningen van klieren in de oogleden welke interfereren met een
normale traanfilm (droge ogen).
cornea
voorgeschiedenis van recidiverende keratitis of cornea-ulcera,
cornealittekens met gevolgen voor de visus,
keratoconus of corneadystrofie.
uvea (iris, corpus ciliaire, choroïdea)
voorgeschiedenis van recidiverende iridocyclitis,
gevolgen van iridocyclitis met fotofobie; secundair glaucoom,
choroïditis (uveïtis posterior) met verminderde visus of
gezichtsvelddefecten,
congenitale afwijkingen met visusbeperkingen.
retina
erfelijke degeneraties met progressieve invloed op visus of
gezichtsvelden,
iedere maculadegeneratie met gevolgen voor de visus,
retinaloslating en retinascheuren,
vaatafwijkingen met exsudaten, bloedingen of ischemische
retinabeschadiging.
nervus opticus
neuritis optica (neuritis retrobulbaris),
nervus opticus atrofie,
papiloedeem of seniele plaques.
lens
lenstroebeling en cataract met gevolgen voor de visus,
lensdislocatie,
afakie,
pseudofakie.
overige
tumoren van oog of orbita,
ontstekingen in de orbita,
aandoeningen met gevolgen voor oogbewegingen, zoals trauma,
oogspierparese/paralyse, endocriene myopathieën,